De praktijk
Uw cliënt wil een transactie uitvoeren.
Normaal gesproken wordt die verwerkt. Maar vanaf 1 juli 2026 kan dat anders lopen.
Per 1 juli 2026 krijgt FIU-Nederland op grond van artikel 17a Wwft de bevoegdheid om meldingsplichtige entiteiten te verzoeken een transactie tijdelijk niet uit te voeren. Zo’n verzoek moet onverwijld worden opgevolgd.
De opschorting geldt in beginsel voor maximaal vijf werkdagen. Gaat het om een verzoek namens een buitenlandse FIU, dan kan dat oplopen tot tien werkdagen.
Dat raakt niet alleen banken of betaaldienstverleners. De bevoegdheid geldt wettelijk voor meldingsplichtige entiteiten in bredere zin. In de praktijk zal zij wel vooral relevant zijn voor partijen waarbij transacties snel en operationeel moeten worden verwerkt.
De vraag is dus niet alleen wat FIU-Nederland straks mag. De echte vraag is:
Wat betekent dit voor uw processen, uw cliëntcommunicatie en uw aansprakelijkheidspositie?
Het juridische punt
De nieuwe bevoegdheid ziet op een (voorgenomen) transactie die tijdelijk niet mag worden uitgevoerd. Dat begrip moet in Wwft-verband niet te eng worden opgevat. Het gaat niet uitsluitend om een klassieke bancaire betaling, maar om een transactie in de zin van de Wwft die nog moet worden uitgevoerd.
FIU-Nederland kan zo’n verzoek doen tijdens haar analyse van een ongebruikelijke transactie. Volgens FIU-Nederland gebeurt dat alleen bij sterke aanwijzingen van betrokkenheid bij witwassen, onderliggende delicten of terrorismefinanciering, en met inachtneming van proportionaliteit.
Dat klinkt overzichtelijk, maar in de praktijk schuurt hier meteen van alles.
Aan de ene kant heeft de instelling een relatie met de cliënt en een proces dat doorgaans op snelle uitvoering is ingericht. Aan de andere kant moet een opschortingsverzoek direct worden uitgevoerd. Dat vraagt dus om een organisatie die operationeel en juridisch voorbereid is.
Daar komt nog iets bij. Als de transactie al is uitgevoerd op het moment dat het verzoek binnenkomt, kan die niet meer worden tegengehouden. In dat geval moet, voor zover saldo aanwezig is, een tegoed ter hoogte van het relevante bedrag worden geblokkeerd. Later bijgeschreven bedragen vallen daar niet automatisch onder. Na afloop van de opschorting moet het geblokkeerde bedrag weer worden vrijgegeven, tenzij inmiddels beslag is gelegd.
Ook de cliëntcommunicatie vraagt aandacht.
FIU-Nederland vermeldt dat de cliënt direct over de opschorting moet worden geïnformeerd en dat dit geen schending oplevert van het tipping-off verbod, omdat dat verbod ziet op het informeren over een melding van een ongebruikelijke transactie of nadere informatieverstrekking, en niet op het uitvoeren van een opschortingsverzoek.
Ten slotte is van belang dat artikel 20c Wwft bepaalt dat meldingsplichtige entiteiten niet aansprakelijk kunnen worden gesteld voor economische schade die ontstaat door het opvolgen van een opschortingsverzoek. Dat biedt bescherming, maar neemt de noodzaak van een goede procesinrichting niet weg. Juist als intern niet duidelijk is wie beslist, wie uitvoert en wie communiceert, ontstaat onnodig risico op fouten, escalatie en geschil.
Wat betekent dit voor uw organisatie?
Deze wijziging vraagt om meer dan alleen een update van het compliancehandboek.
Instellingen doen er verstandig aan nu al te beoordelen of hun processen hierop zijn ingericht. Wie ontvangt een verzoek van de FIU? Wie mag daar intern op handelen? Hoe wordt de uitvoering vastgelegd? Hoe wordt richting cliënt gecommuniceerd? En hoe wordt omgegaan met transacties die al geheel of gedeeltelijk zijn verwerkt?
Dat zijn geen theoretische vragen. Juist omdat deze bevoegdheid onmiddellijk ingrijpt in de uitvoering van transacties, moet de organisatie vooraf weten wat zij moet doen.
Tips voor meldingsplichtige instellingen
- Leg intern vast wie een opschortingsverzoek ontvangt, beoordeelt en uitvoert.
- Zorg voor een duidelijke escalatielijn tussen operations, legal, compliance en het hogere leidinggevende personeel (CEO, COO).
- Werk cliëntcommunicatie vooraf uit, zodat onder tijdsdruk geen onjuiste mededelingen worden gedaan.
- Toets uw interne procedures ook op situaties waarin een transactie al is uitgevoerd en alleen nog een blokkade van beschikbaar saldo mogelijk is.
- Beoordeel tijdig of uw algemene voorwaarden, procesdocumentatie en werkinstructies op deze nieuwe bevoegdheid aansluiten.
Vragen voor uw organisatie
- Is intern duidelijk wie bevoegd is om op een opschortingsverzoek van FIU-Nederland te handelen?
- Is uitgewerkt hoe uw organisatie communiceert met de cliënt zodra een transactie wordt opgeschort?
- Is uw proces ingericht op situaties waarin de transactie al is uitgevoerd?
- Zijn legal, operations en compliance hierover op één lijn gebracht?
Een tijdige beoordeling van deze vragen kan veel discussie en onrust voorkomen.
Tot slot
Vanaf 1 juli 2026 krijgt FIU-Nederland een bevoegdheid die direct ingrijpt in de praktijk van meldingsplichtige instellingen. Wie daar pas over nadenkt op het moment dat het eerste verzoek binnenkomt, is te laat.
Juist nu is het moment om processen, rollen en communicatie scherp te krijgen.
Wilt u weten welke stappen in uw situatie juridisch verantwoord en praktisch werkbaar zijn?
Neem gerust contact op met Thomas Klaarenbeek, advocaat en compliance officer. Wij denken graag mee over een juridisch houdbare en operationeel uitvoerbare aanpak.